Het zwetende nijlpaardje

Op een verjaardag lang geleden sprak ik een kikker uit ibongo, een koninkrijk in het hart van Afrika. De kikker vertelde me een bijzonder verhaal over een jong nijlpaardje dat uitgroeide tot een held. Al leek het daar in het begin niet op. Dit nijlpaardje, Hiepo, had een probleem. Hij zweette uit zijn oksels, en flink ook. Als het warm was, en het is bijna altijd warm in ibogo, dan kon hij met zijn zweet een zwembad vullen. ‘Echt’, zei de kikker, ‘ik heb het zelf gezien.’ En hij ging verder. Op een dag gebeurde er iets ongelooflijks. Het was de heetste dag in ibongo in 200 jaar. Er werden temperaturen gemeten van meer dan 50 graden. Leeuwen gingen in de schaduw liggen, en gnoes daarnaast. ‘Leeuw, mag ik naast je liggen?’ ‘Goed gnoe, ik ben te sloom om je op te eten.’ ‘Dank je leeuw.’ Andere zochten verkoeling in de rivier, net als Hiepo. Hij was al vroeg begonnen met zweten en het ging maar door. Steeds harder zweette hij. Rond 13.00 uur, het heetste moment van de dag, liep het uit de hand. Hiepo zweette zoveel uit zijn oksels dat de rivier overstroomde en de bomen onderliepen. Het wassende water sleurde alle beesten mee en toen het weer zakte, bleven er in alle bomen dieren hangen. Een olifant hing met zijn slurf aan een tak, als een kerstbal. Een waterbuffel zat op het nest van een arend. En verderop, in de top van een boom, schreeuwde een krokodil om hulp: ‘Haal me hier vandaan, ik heb hoogtevrees!’ Toen iedereen weer op de grond stond, hielden de dieren crisisberaad. Het oudste dier, een olifant van 72, nam het woord. “Beste Hiepo, jij brengt ons leven in gevaar. Het lijkt ons het beste als je vertrekt.’ De andere dieren vielen de olifant bij. ‘Ja Hiepo, vertrek!’ Er zat voor Hiepo niets anders op dan zijn koffers te pakken. Diepbedroefd stak hij de grens over. ‘Ik zag dat hij huilde’, zei de kikker. ‘Het was een zielig hoopje nijlpaard. We vroegen ons af of het wel goed zou komen.’ Een paar weken later begon het droogteseizoen in ibongo. Maandenlang regende het niet. Bomen verdorden en plassen, meren en rivieren vielen droog. Tot er in heel ibongo geen druppel water meer te vinden was. Opnieuw belegden de dieren een crisisberaad. Ze hadden water nodig om te overleven, maar hoe kom je eraan? De olifant vroeg wie er een lumineus idee had. ‘Toen stak ik mijn voorpoot op’, zei de kikker. Kort daarna dacht Hiepo dat hij zijn naam hoorde roepen. Hij luisterde nog eens goed en… ja, verdomd, het was zijn naam die hij hoorde. En het kwam uit ibongo. Nieuwsgierig geworden stak hij de grens weer over. Na 6 uur lopen zag hij zijn vroegere vrienden terug. De Olifant sprak tot hem. ‘Hiepo, we hadden je nooit weg mogen sturen. Vergeef ons en help ons.’ ‘Ja Hiepo, help ons’, zeiden alle dieren. ‘Zweet onze plassen, meren en rivieren vol. Dan zijn we gered.’ Hiepo glom van trots en zweette als nooit tevoren.